Help!

help

Help! Mijn collega is dikke vrienden met de baas en laat mij al het werk doen.

Tineke stapt uit de lift. Bij het koffie-apparaat buigt Coby zich dichter naar Teun. Ze fluistert iets in zijn oor. Teun schiet in de lach en Coby giechelt. Tinke recht haar rug.  Zouden haar manager en haar collega het soms over haar hebben?

Ze schudt de gedachte van zich af, want er wachten nog 13 patiënten op haar.

Rond lunchtijd is Coby druk met haar mobiel. Tineke neemt haar broodjes mee naar buiten.  Als ze een half uur later terugkomt, is er niets veranderd. Coby is nog steeds met haar telefoon in de weer. Tineke zucht als ze bedenkt hoeveel werk er nog gedaan moet worden.

Om drie uur is Coby ineens weg. Zonder overleg. Tineke vraagt aan haar manager waar Coby is.  Teun haalt zijn schouders op. “O ja, ze moest geloof ik  nog even wat buiten de deur regelen.’’

Zo gaat het al maanden. Haar collega en haar manager zijn niet aanwezig, te druk of ze zijn gezellig samen in gesprek. En Tineke mag al het werk opknappen.  De situatie vreet aan haar en steeds vaker piekert ze over haar collega en haar baas.  

Ze maakt een afspraak met de afdelingsmanager en lucht ze haar hart. Al haar opgekropte emoties komen naar boven. Het overleg lucht Tineke op, maar op het werk verandert de situatie niet. Uiteindelijk wordt in onderling overleg besloten dat Tineke met een vaststellingsovereenkomst uit dienst gaat. Tineke voelt zich buitenspel gezet.

Wat gaat er hier nou eigenlijk mis?
Tineke doet verschillende pogingen om haar situatie bespreekbaar te maken en op te lossen. Zij richt zich daarbij op de medewerking van haar collega en hun manager.  Al snel is duidelijk dat die medewerking niet komt. Tineke blijft in gedachten bezig met het oordeel hierover en ze blijft vasthouden aan de gedachte dat deze twee het niet goed doen. Dat wordt groot in haar hoofd en de onmacht groeit.

Deze situatie komt vaak voor op het werk, hoe kan dat?
Ik zie regelmatig op de werkvloer dat mensen het gevoel hebben dat ze er helemaal alleen voor staan. De normen en waarden van collega’s komen lang niet altijd overeen. Ook visie kan verschillen.  Heel vaak is teamwerk niet zo makkelijk of vanzelfsprekend en dat vraagt aandacht van een manager. En niet elke manager kan of wil dat oplossen.

Wat had Tineke kunnen doen om de situatie te voorkomen?
Niets. Haar collega en manager zien de zaken heel anders. Tineke had wel anders op de situatie kunnen reageren.  Ze had duidelijk kunnen maken dat er te veel werk was en alleen de hoeveelheid werk kunnen doen die ze aan kon. Ze had goede contacten met andere collega’s op de andere afdeling en dat had ze belangrijker kunnen maken.  Ze was  nu  kwetsbaar omdat ze de oplossing verwachtte van  anderen.  Zij heeft geen invloed op het gedrag van Coby en Teun. Dat was inmiddels wel duidelijk.

Wat kan Tineke nu nog doen?
Nu zit ze thuis en ze zit zich nog te verbijten over de situatie, Ze slaapt slecht en het vreet nog aan haar.

Ze is in gesprek gegaan met mij en ze krijgt nu inzicht in haar eigen aandeel. De twee anderen zijn niet belangrijk. Dat is zij wel. Het moet niet langer gaan over deze collega’s maar over Tineke zelf. Ze leert nu zichzelf bewuster kennen en ze ziet onbewuste patronen. Die dreven haar gedachten, gevoel en gedrag.

Tineke wil het oude patroon niet mee nemen naar een volgende baan. Ze ziet dat er dan een groot risico bestaat op herhaling. Ze is aan het leren dat zij ten alle tijden verantwoordelijk is voor zichzelf.  Zo blijft de situatie veilig en blijft ze zelf aan het roer staan.

Herken je deze situatie? Vraag dan een gratis strategiesessie aan. Dan kijken we hoe jij op je eigen spoor komt en tot een werkende strategie komt.

Deze website gebruikt cookies...

Meer lezen

Wij gebruiken alleen cookies die nodig zijn voor het functioneren van de site en waarmee we de inhoud zo goed mogelijk op onze klanten kunnen afstemmen. Meer gegevens vind je in ons privacybeleid.